
“Als ik niet schrijf, functioneer ik niet”, Gazet Van Antwerpen, 13 november 2008.
Het is me duidelijk geworden dat ik ietwat genuanceerder moet omgaan met holle begrippen als “literaire hoer“, het klinkt wat goedkoop, en in de krant bekt het lekker, maar erg frequent gebruik is niet aan te raden. Net zomin zal ik in de toekomst woorden als ‘infotainment’ of ‘docudrama’ in de mond nemen, en wel om dezelfde reden. Niettegenstaande dat ik nu bezoekers op mijn weblog trek doordat ze ‘ik wil hoer zijn’ of kortweg ‘hoer’ googelen. Maar dat is bijzaak. In interviews word ik wel steeds beter. Mijn hoofd kijkt minder verwaand op de foto, en af en toe kan er een lachje af. De afgelopen twee weken deed ik het voor De Morgen, Gazet Van Antwerpen en Dwars, het blad van de Universiteit van Antwerpen. Het is even schrikken, je eigen olijke hoofd in de krant te zien staan. Echt blij word je er niet van.
Iedereen heeft er wel een mening over, of nog beter; ze vragen of je nu ‘een schrijver’ bent. Nu de bundel uit is en je in de krant staat verwacht men dat je ten allen tijde literaire zaken kraait. Men zaait alvast voor mij goedbedoelde raad; word geen wandelend krantenartikel. Schrijf en blijf.
Ik ga alvast een berg zoeken om na de boekpresentatie maandag er voor erg lange tijd op te kruipen.
(Wat u vandaag kan doen: kijken waar Tumult in Nederland te bestellen is)