Telefonisch interviewen {11}
Ik hou sowieso al niet van telefoneren. Ik ben er ook heel erg slecht in. In praten tegen een metalen ding in de hoop dat je toehoorder alles verstaat. Wanneer je moet hoesten, doe je het voorzichtig, met de schrik de trommelvliezen van je gesprekspartner aan stukken te blazen. En aan het einde van het gesprek ben je twee kilo slanker geworden van het nerveuze ijsberen door de kamer. Achteraf puf je nog een kwartiertje uit. Het gaat niet goed tussen de telefoon en mij.
Zeker niet als het draait om telefonische interviews. Wanneer de interviewer een vraag stelt kan je de stilte en bedenktijd niet té lang laten duren, of hij vreest dat je in slaap bent gevallen. Ondertussen staar je naar de kamermuur in de hoop daar inspiratie te halen voor je wervelende antwoord dat de telefoondraden rood doet opgloeien van de spanning. Daar slaag je nooit in. Je formuleert scherp door de bocht, excuseert je, verwoordt het anders, wijzigt nog een woord, aarzelt even, kucht en zegt dan ‘dat het daar wel ongeveer mee overeenkomt.’
Deze keer was het ook niet anders. Na veertig minuten gebabbel en vragen beantwoorden heb je een zweetoor en fluit het andere. Ondertussen had F. op de radio gehoord dat na vier dagen ijsgang en sneeuw, je de vogels moet bijvoeren. Ze vriezen dood, de mussen. F. strooide onze dakgoot vol oud brood in de hoop merels voor onze dakzolderraam te zien vliegen. “Je kan wel enthousiast over je bundel op je zolderkamer zitten,” zei ik ondertussen; “maar door ermee op een podium te staan kan je mensen enthousiasmeren voor poëzie.” F. zwaaide naar me en stak haar duim omhoog. Ze gaat sjaals breien voor de mussen, dacht ik. Achteraf bekent ze dat ze de vogels wil verzamelen. Ze spaart al plaatjes van dode exemplaren. Haar trofee is de mus met de gele buik. “Een koolmees,” zeg ik. “Een mus met een gele buik,” zegt ze. “Nu ga ik voor eentje voor in onze vriezer, om bij te houden,” vervolgt ze; “een rode met een lange staart.”

11 reacties ↓
1 David Manos Pefko // 08.01.09 at 14:32
Bijna een winterverhaal, al had ik dat niet verwacht. Telefoneren is sowieso vreselijk. Stel een sms interview voor.
Plaats je een keer wat foto’s van de dode vogels?
2 Dennis Daniels // 08.01.09 at 14:38
Gisteren werd ik ook (te) lang opgebeld door iemand die ik niet ken. Het ging niet om een interview, maar om een acteerrolletje hier of daar. Om mijn aanwezigheid aan te tonen, zei ik na bijna elk zinnetje “ja” of “hm-hm”. Af en toe resulteerde dat in een “Wat zei je” van zijn kant. Erg vervelend, vooral omdat ik niets te zeggen had.
Die laatste zin “Nu ga ik voor eentje voor in onze vriezer, om bij te houden,” leest wat moeilijk door die twee voors, vind ik. Verder aangenaam lezen.
3 saskia // 08.01.09 at 15:55
Wat erger is, zelf bellen of gebeld worden, daar ben ik nog steeds niet over uit. Het zijn trouwens altijd mannen die ik lopend zie telefoneren in een huis. Is daar een verklaring voor of zie ik ze vliegen?
Vogels zijn tof.
graag gelezen.
4 Nathalie // 08.01.09 at 17:04
Door je vorige link naar een telefooninterview dacht ik er over na. En dacht ‘Wat lijkt het me verschrikkelijk om niet op je gemak te kunnen nadenken over hoe je het zeggen wil’. Al sterft geen mus minder door.
5 Dennis // 08.01.09 at 17:09
Leuk stukje Maarten. Bij ons besloot een wilde fazant een bezoek aan onze tuin te brengen. De enige vogel waar onze kat bang van werd. Daarna kwam er een valk enkele malen overvliegen.
De mussen met gele buiken hangen aan de mezenbollen.
De telefoon was vandaag uitzonderlijk stil.
6 Maarten // 08.01.09 at 17:10
Dennis; ik ben jaloers op jouw plattelandsexpansie.
David; ik vraag het aan F.
7 Elke // 08.01.09 at 17:12
Haha. Ik vind het ook gruwelijk om te telefoneren. En een telefonisch interview is helemaal eenrichtingsverkeer.
8 Liese Wouters // 08.01.09 at 19:35
He ik maakte vandaag nog eten voor de vogels. Ik heb er gezien, veel. Ze aten het op, lekker. Maar je mag het niet bij de veranda hangen. Want dan vliegen ze er met hun kop tegen wanneer ze vluchten voor de groten. Dus ik zette het op de dichte waterput in de tuin. Dit geheel terzijde en ik las je in Humo :)
9 Willem // 08.01.09 at 20:52
Ik hou van dit soort combinaties in een verhaal: het telefonisch interview en het gedoe met de vogels.
Als interviewer is telefoneren trouwens ook vaak een vervelende klus. Ik ben in elk geval altijd te langzaam met schrijven, waardoor er stiltes vallen. Om die stiltes te voorkomen begin ik met een volgende vraag, maar dan vergeet ik het vorige antwoord op te schrijven…
10 Roezemoezen // 09.01.09 at 15:12
Tja, ik ben ook zo’n telefonische interviewer. En dan kom ik altijd dezelfde moeilijkheden tegen als Willem: lange stiltes, vergeten antwoorden op te schrijven. Maar ook is altijd mijn pen ‘op’ tijdens het interview, waardoor ik weer een minuut weg ben om een nieuwe pen te zoeken. En als ik een nieuwe vraag moet bedenken dan hoor je de papieren ritselen.
En onderwijl hoor ik de geinterviewde lang en diep zuchten.
11 Maarten // 09.01.09 at 15:59
Ik raak hier gevoelige snaren. Misschien weigeren om in de toekomst nog telefonische interviews te laten doorgaan? Per mail? Per post?
Geef je reactie